Tweede woning verhuren: welke belasting betaal je?
Er zijn vier heffingen die spelen bij een verhuurde tweede woning: inkomstenbelasting, btw, toeristenbelasting en gemeentelijke lasten. Welke van toepassing zijn hangt af van hoe actief je verhuurt en in welk land de woning staat. Hier staat het overzicht, met de valkuilen erbij.
Laatst bijgewerkt juli 2026 · 9 min lezen
1. Inkomstenbelasting: box 3 of box 1?
Dit is de belangrijkste vraag en tegelijk de meest onderschatte. In box 3 word je belast op de waarde van je vermogen — je werkelijke huurinkomsten doen er niet toe. Draai je 30.000 euro omzet of 8.000 euro, de aanslag is identiek. Dat maakt box 3 bij succesvolle verhuur fiscaal gunstig.
De grens ligt bij "normaal vermogensbeheer". De Belastingdienst kijkt naar twee dingen: verricht je méér arbeid dan een gewone belegger, en beoog je daarmee een meerwaarde te halen die daar rechtstreeks uit voortvloeit? Signalen die richting box 1 wijzen:
- Je doet zelf de schoonmaak, wissels en check-ins.
- Je biedt aanvullende diensten aan: ontbijt, arrangementen, vervoer.
- Je hebt meerdere panden en beheert die als hoofdactiviteit.
- Je hebt zelf verbouwd met het oogmerk het pand exploitatieklaar te maken en te verkopen.
Uitbesteden aan een professionele beheerder werkt hier in je voordeel: het beheer is dan geen arbeid van jou, en je positie in box 3 wordt daarmee juist steviger.
2. Btw
Kortdurende verhuur van gemeubileerde accommodatie is in Nederland btw-belast tegen 9%. Twee keuzes:
- Btw-plichtig blijven. Je draagt 9% af over je omzet, maar je mag de btw op je inrichtingsinvestering, schoonmaak, energie en onderhoud terugvragen. Bij een investering van 20.000 euro is dat een directe teruggave van enkele duizenden euro's.
- KOR toepassen. Onder de omzetgrens kun je vrijstelling kiezen. Simpeler administratief, maar geen voorbelasting terug. Meestal alleen interessant bij lage omzet én geen grote investering.
Reken beide varianten door vóór je de woning inricht — achteraf wisselen kost je de teruggave.
3. Toeristenbelasting
Elke Limburgse gemeente heft toeristenbelasting per persoon per nacht, doorgaans tussen 1,50 en 3,50 euro. Airbnb en Booking innen die vaak automatisch bij de gast en storten door — maar de aangifteplicht ligt bij jou. Bij directe boekingen moet je het zelf innen en afdragen.
Actuele tarieven per gemeente staan op onze gemeentepagina's; voor Belgisch Limburg zie verblijfsbelasting per gemeente.
4. Gemeentelijke lasten en OZB
Een woning die niet je hoofdverblijf is, valt vaak in het hogere OZB-tarief voor niet-woningen zodra de gemeente hem als recreatieobject aanmerkt. Ook rioolheffing en afvalstoffenheffing kunnen anders uitpakken. Reken op enkele honderden euro's extra per jaar en neem dat mee in je exploitatiebegroting.
Als de woning in België staat
- Belgische personenbelasting op het onroerend inkomen, plus gemeentelijke opcentiemen.
- De servicecomponent van je verhuur (linnen, ontbijt) kan als divers inkomen worden belast.
- Verblijfsbelasting per Belgisch-Limburgse gemeente.
- Platforms rapporteren je omzet via DAC7 aan FOD Financiën — er is voor onroerend goed geen drempel.
Let op: dit artikel is algemene informatie op basis van de regels zoals die in juli 2026 gelden, geen fiscaal advies. De box-vraag is sterk situatie-afhankelijk — leg hem voor aan een belastingadviseur voordat je begint met verhuren.
Veelgestelde vragen
Val ik met vakantieverhuur in box 3 of box 1?▾
Moet ik btw afdragen over vakantieverhuur?▾
Wie draagt de toeristenbelasting af?▾
Mag ik de kosten van inrichting aftrekken?▾
En als de woning in België staat?▾

Mister Short Term Rental
Even sparren met Stef.
Stef van Boekel begeleidt eigenaren in Limburg bij het maximale uit hun vakantiewoning halen. Hij is uw eerste aanspreekpunt — geen callcenter, geen wisselende contactpersonen.
